Posts tonen met het label Hans Heessen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Hans Heessen. Alle posts tonen

maandag 4 maart 2013

Dirkje Kuik - 45 gedichten

De medicijnfles korporaal


Ruim vier jaar na het overlijden van graficus, illustrator en schrijver Dirkje Kuik, verscheen eind vorig jaar een heruitgave van 45 gedichten. De gedichten schuren, maar zijn goede gezellen. 

Het is met auteurs die al enige tijd onterecht onder de zoden van de aandacht zijn weggezonken waarschijnlijk zo dat een acute en met enige forte uitgevoerde reanimatie te laat komt. De overledene komt nog een keer omhoog, van bleek naar blauw verschietend, om onder het aanzien van enkele ledige ogen weer in het stof der vergetelheid te zinken.

Dirkje Kuik (Stichting Dirkje Kuik)
Dirkje Kuik (Stichting Dirkje Kuik)
Een achterwaartse vooruitloper
Nee, wellicht is het beter zijn verzen mondjesmaat ter perse te dragen en de bekendheid onder de gelederen op zachte wijze wakker te strelen. Nog voor het overlijden van Dirkje Kuik in 2008 heeft uitgeverij De Hooiwagen van Stichting Dirkje Kuik dit proces in werking gezet met veelal bibliofiele uitgaven die soms van Kuiks etsen vergezeld gingen. Deze heruitgave van 45 gedichten is ongewijzigd, zij het dat op het voorplat van het origineel nog de naam William D. Kuik staat. Enkele jaren na publicatie zou met een geslachtsverandering de naam in Dirkje veranderen.

Hoewel 45 gedichten vanaf de publicatie in 1969 steeds een actuele bundel is gebleven, kent hij een achterwaartse oriëntatie. Kuik schuwt niet om archaïsmen te gebruiken, en lonkt naar verleden en ouderdom. Ze bezingt het verval – een belangrijk thema in haar werk. In een interview in De Volkskrant van 21 februari 1970 zegt de toen nog William hetende Kuik: 'Ik heb de neiging een gebouw tot een ruïne te maken. Maar ik laat altijd iets groeien uit het afval. (…) De begroeiing toont het optimisme: ik heb plezier in verval.' Eigenzinnig is haar werk wel. In een gedicht met twee eindnoten loopt Kuik vooruit op de poëzie Tonnus Oosterhoff, een van de meest innovatieve dichters van dit moment.

Kaartende heren
Wie ooit in het Museum Dirkje Kuik is geweest, zal het idee hebben met de gedichten Kuiks leefwereld binnen te gaan. Wie de bundel openslaat, gaat een rommelige kamer binnen vol bijzondere objecten. Kijk je naar rechts: gedroogde bloemen, een met publicaties en kranten bedekt bijzettafeltje, een asbak, boeken, een schedel. Kijk je naar links:

Nature Morte

Stil eenzelvig oerwoud
voor het bijziend oog.
Verdorde pluimen reizen uit het vuilig
water van het glas.
Terzijde wacht het peloton.
Drie uien, walmlamp, bokking een afgerond bederf,
de resten van een winterjan,
de medicijnfles korporaal.
Een ereprijs in olieverf
van stoffig leven.

Buiten is het graag winter 'als het ijs gemeen blauw ziet, / de wind een feestneus maakt'. Of op zijn minst een late herfst, bijvoorbeeld wanneer een protagonist het door de wind opgejaagde blad ziet en over straat loopt terwijl hij aan de bomen, 'kaartende heren', denkt. Een warm gevoel voor humor kan de dichter(es) niet worden ontzegd.

Dvd
Hoe lang Dirkje nog in ons midden is, is afhankelijk van de inzet van Stichting Dirkje Kuik. Die inzet is vooralsnog tomeloos, zij het ietwat in de luwte van de aandacht van de boekhandel, critici en lezers. Maar er is een trouwe kring van liefhebbers en bewonderaars. Zie daarvoor bijvoorbeeld de met de bundel meegeleverde dvd (die overigens ook op YouTube staat) onder regie van scenarioschrijver Hans Heesen, geproduceerd door hemzelf en dichteres en fotografe Nadine Ancher. Erop staan vijfenveertig dichters, zangers en tekstkunstenaars die vanuit hun liefde voor Kuiks werk haar gedichten hebben voorgedragen.

De opnames vonden veelal plaats in Kuiks huis of op voor haar belangrijke plekken. Voor elk van de voordragers hebben de producenten een voor hen toepasselijk gedicht geselecteerd. Zo wordt niet alleen Kuiks poëzie verlevendigd, maar proeft een goede verstaander eveneens iets van de ziel van de voordagers. Onder hen zie en hoor je naast Gerrit Komrij, Herman van Veen, Charlotte Mutsaers en Esther Jansma, ook minder gepubliceerde dichters, onder wie ondergetekende.

Gepubliceerd op 8WEEKLY.

zondag 29 mei 2011

leesMEI

VAN LENTE NAAR ZOMER MET GORTER

Op Hemelvaartsdag, donderdag 2 juni, wordt op het Stadserf Rood|Noot te Utrecht tussen 14:00 en 22:00 uur door 101 verschillende voordrachtskunstenaars de hele zinnelijke Mei van Gorter voorgelezen. Waarom moeten we Mei nog horen?
Constatijn Huygens-prijs winnaar A.L. Snijders schreef vorig jaar naar aanleiding van leesMEI in een van zijn ZKV's (zeer korte verhalen) dat 'de dood mij met rust zal laten zolang ik Gorter lees', en heeft gevraagd elk jaar een andere pagina voor te mogen lezen.

Gorter en de Tachtigers
Herman Gorter (1864-1927) behoorde tot de generatie van de Tachtigers, die vooral bekend is vanwege Kloos' adagium dat poëzie 'de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie' was. Dat leidde in de poëzie tot toepassing van neologismen (zoals ritsellicht en tintelsneeuw) en beeldspraak die niet langer vooral leunde op de bijbel en de Griekse mythologie, maar zoals ook bij Gorter, steeds meer op de levende Nederlandse natuur.

Gorter was binnen de generatie van de Tachtigers een vreemde eend in de bijt. Niet alleen was hij een periode socialist – wat tegenover het ultieme individualistische adagium van de Tachtigers stond, maar ook liet hij al vrij vroeg in zijn carrière de vaste versvorm los. Bovendien stapte hij van het gebruik van het eindrijm af en toonde een zekere minachting voor correcte syntaxis of zinsbouw.

Van kind naar volwassene
Mei heeft een filosofisch-metafysische inslag: de idee dat de vergankelijke natuur en de eeuwige ziel nooit tot een blijvende verbintenis kunnen komen. De dichter zou als een van de weinige stervelingen iets van die ziel kunnen voelen en dat kunnen verklanken in poëzie.

Voor wie ook maar enigszins van gedichten houdt, is de Mei als aarde en brood; het hoort bij je, je hebt het nodig, je wilt er mee leven. 'De meeste mensen kennen alleen de eerste regel – "Een nieuwe lente en een nieuw geluid"', aldus initiatiefnemer Hans Heessen. 'Bijna niemand heeft het ooit helemaal gelezen. Pagina voor pagina moet het samen lukken.' In het vijfduizend regels tellende gedicht wordt het leven zintuiglijk en klankrijk verdicht. Het omschrijft de overgang van lente naar zomer, van kind naar volwassene.

Tegen de tijdgeest
Je zou LeesMEI de volkse pendant van de The 21st Annual Simply Shakespeare Celebrity Reading kunnen noemen, al is de lezing niet verstoken van prominenten. Onder de lezers bevinden zich onder meer Ester Naomi Perquin, Erik Bindervoet, gambist Ralph Rousseau Meulenbroeks, Daniëlle Serdijn en Kees 't Hart. De voordracht wordt regelmatig aangevuld met geïmproviseerde composities van geluidskunstenaars en vingervoedsel.