Posts tonen met het label Erik Spinoy. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Erik Spinoy. Alle posts tonen

vrijdag 20 april 2012

Erik Spinoy - Dode kamer

Gedempt contact met de buitenwereld


Dode kamer van Erik Spinoy, VSB Poëzieprijs-genomineerde 2012, is een bundel waarin vrijwel niets concreet wordt of door het witte membraan rondom de gedichten dringt.

De titel van de bundel is uitstekend gekozen. Een dode kamer is een ruimte voor akoestische opnames en metingen; ze heeft wanden die alle geluid maximaal absorberen. Ook op een andere manier geeft de titel te denken.

Ontbrekende handvatten
De titel Donkere kamer verwijst volgens het achterplat eveneens naar een kunstwerk van Ann Veronica Janssens: een mistige ruimte met wisselende kleuren, wat een sferisch, maar ook dempend gevoel oplevert. Daar sluiten Spinoys gedichten goed bij aan. Van werkelijk menselijk contact tussen de personages is in het werk geen sprake. Niet zelden ontbreken handvatten om de buitenwereld concreet te beleven:

Een hagelwitte zomerregendag in dit
of op een ander continent.

Door het verblindend daglicht in de witte zaal
de watergroene binnentuin
de stortbui in de hete binnenstad

glijdt uit het niets
zo'n vissige fiets

met op de naaf een aluminium schijf
die al dit licht vangt en opeens

de aardas met een knik verdraait

en al de rest onmerkbaar eerst
verschuiven doet.

Met de hagelwitte regen lijkt het gedicht uit het omringende wit te kruipen en na een onmerkbare verschuiving vervaagt het weer in dat wit. De vaagheid wordt versterkt doordat het gedicht vol staat met woorden die elkaar lijken uit te sluiten. Hagel en zomerregen; de regen en al het witte licht en de witte zaal; de buitenruimten van de binnentuin en -stad. Dat het gedicht zich op dit of op een ander continent afspeelt, maakt de beschreven belevenis ronduit een fictieve: zij vindt volledig plaats in de verbeelding van het gedicht.

Postmoderne romantiek
In het oeuvre van Spinoy zijn zeker twee constanten aan te wijzen. De eerste is een hang naar romantiek (iets waaraan hij zich ook in het Gedichtendagessay As/zteken (2012) schatplichtig acht). Vooral in zijn vroege werk lijkt de dichter hierdoor soms een vazal in dienst van een oud koninkrijk. Ook in deze bundel kom je bijbehorende thema's tegen: met name dat van het onbenoembare of ongrijpbare andereDe tweede consistente is zijn voorliefde voor 'witte woorden', zoals 'dauwwit', 'sneeuwwit' en 'rijp'. Als meest gebruikte witte woord staat 'hagelwit' met stip bovenaan – alleen al in Dode kamer zie je het een keer of zeven terug. De witte woorden betreffen vaak pseudowitten (want hoe wit is hagel nu eigenlijk?) die verdwijnen zodra (weers)omstandigheden veranderen. Zien we hier een poëtica van negatie terug waarin taal niet naar de wereld om ons heen verwijst, maar alleen naar zichzelf?


Je kunt bovendien vermoeden dat deze witte voorliefde samenhangt met een drang om het onrepresenteerbare te representeren – iets wat in beginsel onmogelijk is. Dit onrepresenteerbare is wel voelbaar in een vloeibaar, veranderlijk taalgebruik. Althans, volgens Jean-François Lyotard, van wie een motto voorin Dode kamer afkomstig is. Spinoy, die de postmoderne filosoof behandelde in zijn proefschrift Twee handen in het lege. Paul van Ostaijen en de esthetica van het verhevene (Kant, Lyotard) (1994), komt met de onbestendigheid van zijn pseudowitten aan dat vloeibare, veranderlijke taalgebruik tegemoet.

Cyberlamp
Maar ook zonder diepgravende beschouwingen kom je de bundel goed door. De nevenstellingen in de gedichten van observaties en beelden doen wellicht denken aan het werk van Martin Reints. De soms wetenschappelijke woordkeus (zoals 'cyberlamp' en 'bewegingsynthese') doet denken aan het frisse taalgebruik van Sybren Polet. Het geeft deze poëzie de beleving van het aandachtig kijken naar een intrigerend fotoboek.


Gepubliceerd op 8WEEKLY.

zaterdag 28 januari 2012

VSB Poëzieprijs 2012

De VSB Poëzieprijs 2012 is gewonnen door Jan Lauwereyns, vorig jaar nog de schrijver van het gedichtendagessay.

In de Nicolaïkerk te Utrecht werd op woensdag 25 januari de VSB Poëzieprijs uitgereikt. Het is een kerk met kandelaren die in de verte lijken op de twintigarmige hindoestaanse moedergodin Durga en waarin galmen langer doorklinken dan je digitale footprint. Een goede plek voor de uitreiking van een prijs die de verscheidenheid viert van het meest tijdloze genre van de literatuur.

Ongegeneerd lyrisch
Erik Lindner noemt Lauwereyns in De Groene Amsterdammer 

misschien de enige dichter in het Nederlands taalgebied (ook al woont hij erbuiten) die je met recht academisch kunt noemen. Zijn werk is proefondervindelijk en wetenschappelijk, daarnaast schuwt hij beslist het experiment niet. Al zijn zeven dichtbundels hebben een andere vorm, vanNagelaten sonnetten die geen sonnetten pur sang zijn, tot buigzame gedichten, stukjes proza, wetenschappelijke beschrijvingen van inwisselbare muggen. In Hemelsblauw is Jan Lauwereyns ongegeneerd lyrisch.

Jan Lauwereyns en juryvoorzitter Kathleen Ferrier
Jan Lauwereyns en juryvoorzitter Kathleen Ferrier
De in Japan wonende neurowetenschapper won de prijs tegen alle verwachtingen in. Anne Vegter, de gedoodverfde winnaar van de literaire kritiek met haar bundel Eiland berg gletsjer, moest de prijs aan haar voorbij zien gaan. Dat was althans af te lezen aan het feit dat ze de Awater Poëzieprijs won. Gezien de brede raadpleging van critici kan deze worden gezien als een aardige graadmeter van wat in het literaire veld aan waarderingen rondgaat. Naast Lauwereyns en Vegter behoorden ook Peter Ghyssaert, Willem Jan Otten en Erik Spinoy tot de genomineerden.

Lef en humor 
De jury prijst Lauwereyns om zijn humor en lyriek, om zijn verweving van werelden en wereldbeelden, zijn lef en ook om zijn 'elegische stilte, die parabolisch en toch niet moralistisch is en die geslaagd is in het combineren van wetenschap en poëzie'. In zijn bundel Hemelsblauw zien ze dat de taal als voertuig gehanteerd wordt om tot zorgvuldig opgebouwde gedichten te komen waarin ook de emotie een belangrijke rol speelt. Volgens de jury is de bundel er kortom een waarmee de poëzie een nieuwe weg inslaat. Een bundel die de lezer uitnodigt misschien wel 'geheel nieuwe horizonten te verkennen'.

De VSB Poëzieprijs is een relatief recente loot aan de VSBfonds-boom. Pas sinds 1993 richt het fonds, dat voortgekomen is uit de in 1784 opgerichte 'Maatschappij tot Nut van 't Algemeen', zich op de poëzie.

Believers en non-believers
De winnaars van de prijs komen uit verschillende kampen. Dat heet, als je de onlangs door Ingmar Heytze (overigens eveneens presentator van de uitreiking van de VSB Poëzieprijs) in de Volkskrant opgerakelde fictieve scheiding van Yves T'Sjoen hanteert. In mooi Nederlands zijn dat de kampen van de 'believers' en 'non-believers':dichters die denken 'hun gevoelens, de gebeurtenissen, hun ervaringen probleemloos en direct in taal te kunnen omzetten' en dichters die in hun schrijven zoeken

naar wat zich buiten de rationele kaders bevindt: (…) het onverstaanbare, het onzegbare. (…) Tegenover de eenduidigheid plaatsen zij de meerduidigheid, tegenover het statische de dynamiek, tegenover de orde het vrije spel van de organische woekering.

Winnaars die aan Lauwereyns voorafgingen, schreven zowel herkenbare als hermetische poëzie.  Enigszins voor de vuist weg zijn bijvoorbeeld ArmandoK. Michel, Thomas Lieske en Leonard Nolens bij de herkenbaren te plaatsen. De experimentelen of hermetici, zoals Arjen Duinker, Gerrit Kouwenaar en wellicht Tonnus Oosterhoff zijn evenwel in de minderheid, maar evengoed markant in de lijst van laureaten aanwezig.

Gedichtendag
De genomineerden voor de VSB Poëzieprijs 2012 zijn over het algemeen eerder non-believers dan believers. Op de meer traditionele Peter Ghyssaert en Willem Jan Otten na – toch een beetje een hagenprediker onder dichters – lijken allen het experiment op te zoeken.
De prijs werd uitgereikt aan de vooravond van Gedichtendag. Op 26 januari waren de dichters volop beluisteren voor bezoekers van de vele dichterlijke activiteiten van de Gedichtendag. Van de Dicht Slam Rap te Boxtel tot het Huis van de Poëzie te Utrecht (8WEEKLY deed verslag), frisse poëzie waait om je oren!


Gepubliceerd op 8WEEKLY